Cazorla

We hebben weer een minireisje gemaakt. Wederom gezellig in de bus met gids. Dit keer naar een groen en bergachtig gebied, zo een 450 km ten noorden vanhier.

Cazorla in de provincie Jaen doet qua natuur denken aan de heerlijke groene heuvels van de Alpen, Beieren, Oostenrijk, de Ardennen, etc. Dit tot grote opwinding van onze medereizigers, die zulk landschap niet gewend zijn. Ook Ahmad was diep onder de indruk (wist niet dat er zulk landschap was in zijn geliefde Andalucía) en ik ben altijd blij als ik ‘buiten’ ben.

We waren met een groep van uitsluitend Andalusiers. Ik was de enige vreemdeling. De deelnemers kwamen allen uit Malaga.

Dit keer was het geen all-inclusive hotel met zelfbediening. We moesten met zijn allen aan een tafel eten en werden bediend. Helaas hadden wij niet van tevoren vermeld dat we geen varkensvlees aten, omdat we dachten dat we zelf ons eten zouden kunnen samenstellen, zoals bij ons reisje naar Portugal. Op dit kleine verschilletje in eetgewoonten werd heel flexibel gereageerd door het personeel. Wij kregen bij vrijwel elk gerecht wat anders geserveerd. Allemachtig! Wat eten ze toch veel cerdo, die Andaluses. Ook dronken wij niet van de wijn die dagelijks op tafel stond. Wij hielden ons bij water, dat daar overigens heerlijk was. Het wemelt er van de waterbronnen met puur, helder water. De medereizigers waren hartelijk, maar op een manier die op ons wat geforceerd overkwam. Ahmad en ik waren ‘vreemde eenden in de bijt’ en konden niet echt ‘intunen’ met de stemming die overwegend heerste, Veel gegiechel en veel lol. Een sfeer van ‘ouwe jongens krentenbrood’.

Maar ach, we lachten gewoon beleefd mee en hadden het net als iedereen erg naar ons zin.

Ik heb zo een 10 meter film gemaakt en ben er nog niet uit hoe ik alles ga monteren. Voor de liefhebbers en geduldigen onder mijn kleine groep lezertjes: de filmpjes komen eraan.

Lezen

Is heerlijk. Je kan een film kijken, je kan een theater bezoeken, het heeft allemaal zijn waarde. Maar lezen in een verhaal apart. Als je leest, dan schep je zelf een wereld. Wat je leest zijn de woorden. De beelden vormen zich zelf in je hoofd. En die hebben te maken met je eigen fantasie. De beelden die je krijgt bij het lezen van een boek zijn gebaseerd op wat jij ooit eerder gezien hebt en wat jij je dus kunt voorstellen.

Lezen dient veel doelen. Je vergaart informatie. Non-fictie ofwel harde feiten, die overigens ook subjectief zijn. Datgene wat de informant je wil wijsmaken of wat de onderzoeker heeft gevonden. Hetgeen weer te maken heeft naar waar de onderzoeker naar wilde kijken en waarnaar niet.

Ik heb een tijd alleen maar informatieve boeken gelezen. Ongeveer 25 jaar lang las ik alleen boeken over islam en soefisme. Andere boeken gunde ik mezelf niet. Geen fictie, want dat leek me tijdverspilling.

Nu lees ik uitsluitend fictie en tussendoor ook weleens een ‘waargebeurd’ verhaal. Een biografie, die echter ook nooit helemaal waargebeurd is. Herinneringen vermengen zich met fictie en sommige dingen worden wel belicht en andere niet. Maar ook in fictie sluit waarheid. Een fictief verhaal kan bij de lezer herkenning oproepen en kan herinneringen losmaken die zich eerder schuil hielden in verborgen hoeken van zijn geheugen. Die verborgen herinneringen die aldus tevoorschijn komen kunnen leiden tot inzicht. Dat inzicht kan confronterend zijn, maar daardoor juist ook therapeutisch en helend werken.

Mooi is dat…..

Wandelen op zaterdag in Alhaurin de la Torre

We kennen eigenlijk alle hoeken en gaten hier al, maar we hebben nu eenmaal de afspraak dat we er elke dag even op uit zullen gaan. Al is het maar voor een boodschap. Oude mensen moeten elke dag luchten en niet achter de kunststof kozijnen blijven hangen, met hun neus in de pc, telefoon en e-readers.

Ook al zijn we wat futloos, tegen zessen gaan we de andere kant van het dorp maar weer eens bezichtigen. De prachtig onderhouden buurt van de mensen met wat meer slappe was. De schitterende avenue die het visitekaartje van Alhaurin de la Torre vormt. Met haar keurig onderhouden beplanting en mooie rotondes met telkens een ander thema.

Eerst komen we langs een parkje dat gisteren nog rustig was. Maar vandaag niet, want al uit de verte horen wij de klanken van reggaeton-muziek. Dorpsjeugd in korte broekjes zien wij naar het parkje trekken, waar het allemaal te doen is. Het ritme van de muziek is zo lekker dat ik zin krijg om te dansen, maar ik begrijp dat ik dat niet moet doen. Dit is een feestje voor de jeugd met een live band, georganiseerd door het dorpsbestuur. Mijn oude kop zou uit de toon vallen bij de suggestieve beweging van mijn nog lenige lichaam. Dus ik houd het bij filmen. Tot mijn spijt zie ik dat de jeugd nogal mat reageert op de muziek en weinig in beweging komt.

Ahmad wil alweer verder en dan passeren we de sportvelden, waar men ook actief is. Alhaurin de la Torre staat bekend als een sportief dorp met heel veel binnen- en buitensportcomplexen.

Complexen schieten Ahmad en mij ook te binnen, terwijl wij wandelen. ‘Jij heb nooit de kans gehad om te sporten, hè,’ zeg ik tegen mijn lief. ‘Nee, ik stond om 6 uur op om te gaan werken op het land als jongen van 14 en als ik thuiskwam van het werk ging ik douchen om daarna allerlei cursussen te volgen om meer over van alles te weten te komen.’ En zo ging zijn leven voorbij, eerst in dienst van zijn ouders en daarna in dienst van zijn gezin.

En ik? Ik had nog wel wat jeugd tot mijn 27e jaar. Ik hield van zwemmen en dansen en zat jaren op ballet. Tot ik trouwde en al deze dingen jaren niet meer deed. Een groot stuk van mijn jonge jaren verloren gegaan in afzondering van de wereld om me heen. In een afgesloten wereld waaraan ik niet graag terugdenk, maar die bij vlagen ongevraagd binnen komt…..

 

Zwerver overleden

Het zat er wel aan te komen. Onze zwerver was niet sterk. Een van de laatste keren dat ik hem zag, lag hij midden op de dag op zijn veldbed onder een stapel dekens. Het was die dag niet eens zo koud. Dat werd het de weken daarna wel en nat daarbij.

Ik wist die dag al dat hij ziek moest zijn. Daarna zag ik zijn bed onbeslapen, maar de dekens lagen er slordiger bij dan anders. Alsof hij zo was opgestaan en weggelopen van zijn bed. Een triest stilleven. Daarnaast lag een karton met een deken, waarschijnlijk van zijn vriend en mede-zwerver, die in de laatste weken van zijn leven steeds bij hem in de buurt was. De allerlaatste keer dat ik hem zag had hij een puppie in zijn armen. Hij droeg het dier nogal onbeholpen. waarschijnlijk was het voor hem slechts een handelsobject.

Gisteren liep ik naar de tandenfee voor weer twee implantaten in de bovenkaak. Toen ik langs het nisje kwam waar voorheen zijn bed stond, zag ik daar een bakje met een roos erin geprikt. Klein eerbetoon aan een dorpsheld. ‘Onze zwerver is dood’, dacht ik direct.

In de wachtkamer van de tandarts vraag ik de receptioniste of het waar is. Is hij echt overleden? Ze bevestigt het. Het maakt me vreemd triest en weemoedig. Het was geen vriend van me, maar hij hoorde bij het straatbeeld van Alhaurin de la Torre. Iedereen kende hem en liet hem met rust, raakte zijn spullen niet aan, gaf hem geld en eten voor de hond (een trouwe rushdale), die lange tijd bij hem was maar nu bij zijn zus woont.

‘Hij was al erg ziek’, vertelt zij. ‘Hij had hepatitis en veel meer ziektes. Regelmatig werd hij van de straat geplukt en opgevangen, gewassen, met wat voedsel versterkt of naar een ziekenhuis gebracht. Hij mocht blijven in een opvanghuis, maar liep altijd weg. Hij wilde niets weten van regels en koos steeds opnieuw voor het leven op straat. Zijn zus wilde hem ook best opvangen. Zij woont in Alhaurin de la Torre.’

‘Ik heb hem een keer Duits horen spreken met iemand in de Mercadona’, zeg ik. ‘Ja, dat klopt,’ zegt de receptioniste. ‘Hij sprak zes talen, waaronder ook Arabisch.’

Helemaal geen domme man. Hij liep altijd in zorgvuldig bij elkaar gezochte zwerverskleren. Ik kon zien dat hij niet zomaar wat aantrok. Een zonnehoed, een bandana, een arafat-sjaal, een hippe zwarte broek met jekkie, leren armbandjes, cowboylaarzen. Meneer was best ijdel. Maar hij at alleen maar vloeibaar en dat heeft hem uiteindelijk opgebroken….

Moge hij in vrede rusten. De man die me een keer ‘pelirrojo’ nariep en heel goed wist wanneer ik eraan kwam met 50 centjes.

Vandaag lopen Ahmad en ik door ons dorp. Het is voor het eerst sinds lange tijd een echt mooie dag met zon. We gaan even ergens zitten voor koffie met churros. Ik zie veel mensen in mooie kleding lopen. Zelfs kinderen met een dasje, colbertje of een feestjurk, lintjes in het haar. ‘Het viel me vorige keer ook al op. Al die mensen op hun paasbest,’ zeg ik tegen Ahmad. ‘Toen dacht ik nog dat er een feestje was ergens, maar het is elke week zo op zaterdag.’ Dan herinnert Ahmad zich dat mei de maand is van de communies. En dan begint het me duidelijk te worden. Vandaar die kinderen met hun prinsen- en princessenkleding. En de volwassenen op tacones en de mannen strak in het pak.

‘Mis jij onze zwerver ook?’ vraag ik Ahmad. Nee, hij niet. Waarom ben ik toch zo sentimenteel. De zwerver was voor mij een vertrouwd iets in het dorp hier, een soort houvast. Zoals vroeger voor mij de herkauwende koeien in de wei dat waren. Wat er ook gebeurde, ik kon op hun aanwezigheid rekenen. Op de aanwezigheid van onze anarchistische zwerver niet meer……..

De kat van de buurman

Eens in de paar maanden is er hier een vergadering van de huiseigenaren. Deze wordt (en dat vind ik echt vreemd) staande in de garage onder het complex gehouden. Niemand heeft kennelijk zin om de andere bewoners in zijn huis uit te nodigen voor deze vergadering. Onze buurman beklaagde zich laatst over een kat bij onze buurman van vier balkons verderop. De kat loopt over het dak van de extra kamer die hij op zijn terras heeft gebouwd en dat vindt hij niet prettig. De kattenman wil zijn kat echter niet binnen houden. Daarop heeft de buurman gezegd dat hij er ‘niets aan kan doen als de kat op een dag dood beneden ligt’. Een verdekt dreigement.

Laatst zagen we tegen de schemering, toen we kwamen aanlopen, de kat over de rand lopen van de balkons. Bij thuiskomst zagen we dat hij op ons balkon rondsnuffelde. Daarna ging hij weer terug over de balkonranden naar zijn eigen balkon en dat heb ik nog gefilmd. Leuk, dacht ik toen, Zelf kunnen we geen huisdier houden vanwege ons heen en weer gereis, maar af en toe zo een tompoes op bezoek is best leuk.

Tot we een paar dagen later zagen dat Tom (laat ik hem maar zo noemen) in onze plantenbak had geplast en de aarde her en der had omgewoeld. Dat vond Ahmad minder leuk. ‘Misschien moeten we de bak wat hoger zetten, omdat hij de bak associeert met een kattenbak als hij op de grond staat,’ zei ik. We zetten de bak hoger, op de airco-ventilator. Maar ook daarin ging Tom stiekem ’s nachts wroeten. Dat zagen we de volgende ochtend, omdat er aarde op de grond lag.

We wilden Tom te slim af zijn: ‘Als we een versperring maken langs de balkonrand. Dan kan Tom er niet langs en maakt hij hopelijk rechtsomkeert.’ Met moeite vond Ahmad een bruikbare plastic plaat, doorzichtig als glas, die hij zo bevestigde dat Tom er niet langs kon. De buurman, alert geworden van het boren in zijn en onze tussenmuur, keek nog even en vroeg Ahmad waarvoor het plastic schermpje diende.

Die nacht maakte ik me een beetje zorgen. Stel dat Tom niet zou zien dat er een doorzichtige versperring was. Stel dat hij zijn kleine kop zou stoten, ja misschien zelfs zijn evenwicht zou verliezen en zeven meter naar beneden op straat terecht  zou komen. Ik keek de volgende dag over het randje of er geen platte Tom lag. Gelukkig niet.

Weer een paar dagen later roept Ahmad me. ‘De kat is op het balkon.’ Ik ren erheen met mijn camera, maar ben net te laat om vast te leggen dat Tom soepeltjes van onze balkonrand op het dak van het bouwwerk van de buurman springt.

De smiecht kan gewoon nog steeds op ons balkon komen. Dat plastic zit er volledig voor niets. Vandaag kijk ik even over de rand en links zie ik Tom zitten. Hij kijkt ook naar mij. En dan naar zijn baasje, die beneden net aan komt lopen. Misschien even boodschappen gedaan, gebruikmakend van het feit dat het een half uurtje niet regende. Zodra het baasje thuiskomt zie ik Tom verdwijnen van de rand. Waarschijnlijk direct naar binnen om eten te vragen aan zijn baasje. Katten blijven opportunisten.

Moederdag

Het was me ontgaan vandaag dat het moederdag was. Behalve dat ik bij de zoekmachine van google het volgende plaatje zag:

mothers-day-2016

Ik wist even niet wat ik daarvan moest denken. De kinderslippertjes suggereerden dat we met de kleine naar het strand of het water zouden moeten gaan. Dus dat zou kunnen slaan op het mooie weer in Nederland. Maar later zag ik dat de schoenen van de volwassene geen slippers waren, maar gewone schoenen. O, die schoenen zijn dus van mamma en die slippertjes zijn van de kleine, die haar mamma gaat verwennen met moederdag. Misschien met een eitje op bed en een kopje thee en daarbij zo een vaasje met een bloem er in. Een werkstukje dat op school is vervaardigd, speciaal voor mamma…..

Ik verwachtte echt niets van mijn kinderen, zou het echt niet erg hebben gevonden als ik niets van ze had gehoord. Maar hoe blij was ik met een berichtje van één van mijn koters, dat de tranen in mijn ogen liet springen. Waaraan heb ik zulke mooie woorden verdiend? Zo een bericht is meer waard dan 10 bossen bloemen en een gouden ketting.

Liefde is de taal van het hart die we allen verstaan.