Over Monique

Nederlandse vrouw in rust met een sterke neiging tot schrijven. Schrijf voor mijn eigen plezier, maar leuker wordt het voor mij als mensen het lezen en wel eens willen reageren.

Invitatie tot ouderschap

Zoals ik al eerder vertelde wijs ik zelden vriendschapsverzoeken af op facebook. Nu ben ik daar wat voorzichtiger in geworden. Ik kijk in ieder geval eerst naar iemands profiel. Soms betreft het mensen die alleen posts hebben van hun eigen profielfoto en verder weinig anders. Dan weet ik dat dit waarschijnlijk mensen zijn die facebook gebruiken als datingsite.

Toch zijn er al mensen door mijn censuur heen geglipt van overal ter wereld, die ik helemaal niet ken en van  wie ik  helemaal niet weet waarom ze met mij vrienden willen zijn. Ik laat dat maar zo, omdat ik verder geen last van ze heb.

Soms vinden ‘vrienden’ op facebook na mijn acceptatie van hun vriendschapsverzoek het nodig om mij via messenger te benaderen. Door naar me te zwaaien of door de openingsvraag ‘how are you?’ te stellen. Of ze bedanken me voor de acceptatie van hun verzoek. Ik houd niet van chatten via messenger, maar uit beleefdheid geef ik toch soms antwoord. Een enkele keer is daar weleens een goed gesprek door ontstaan.

Maar dat is niet vaak.

Wat me de laatste tijd is opgevallen is het volgende. Een ‘nieuwe vriendin’ uit Nigeria en een andere ‘nieuwe vriend’ uit Gambia zijn ook een gesprek met mij begonnen via messenger, dat aanvankelijk openhartig en heel beleefd overkwam. Maar na een paar van die gesprekjes vroegen ze onafhankelijk van elkaar of ik hun moeder wilde zijn. De vrouw uit Nigeria is 37 jaar en de man uit Gambia heeft me verteld zelf twee kinderen te hebben. Hij noemt mij ‘mum’ en vraagt me hoe het is met ‘dad’ (Ahmad). Ik heb hem gevraagd waarom hij mij mum en Ahmad dad noemt en of hij zelf geen ouders heeft. Hierop werd het stil. Ik heb tot op heden geen antwoord en zal dat ook waarschijnlijk niet krijgen.

Hij heeft, denk ik, door dat ik niet te paaien ben met de eer om zijn moeder te mogen zijn. Ik kom er dus ook niet achter wat zijn volgende stap zou zijn. Vragen om een financiële bijdrage? Ook van de 37-jarige dame die me smeekte om haar moeder te zijn heb ik niets meer gehoord, omdat ik haar verzoek negeerde.

Is dit de nieuwe truc om bejaarde vrouwen en mannen voor een karretje te spannen?

Ik weet het niet en ik hoef het ook niet te weten…..

PS De facevookvriend heeft me toch geantwoord. Zijn ouders zijn overleden. In Afrika is het heel gewoon en een teken van respect om mensen die de leeftijd van je ouders hebben vader of moeder te noemen.

Ik ben het daarna gaan opzoeken op internet en trof daar dit lezenswaardige artikel. Zijn bewering wordt hierin bevestigd. In Afrika is de opvoeding van kinderen een familie-aangelegenheid. En als mensen ervaren dat zij iets gemeenschappelijks hebben is het gewoon om mensen met wie je geen bloedband hebt vader of moeder te noemen. In het geval van deze facebookvriend: hij voelt verwantschap met mij vanwege mijn moslim zijn. Ik schaam me nu een beetje voor mijn wantrouwige en koude reactie op hem. Heb ook sorry gezegd.

Weer wat geleerd……..

Gelukkiger na ongeluk

Ik durf het bijna niet te zeggen, maar het lijkt erop dat ik gelukkiger ben geworden na mijn noodlottige val met als gevolg die heupbreuk.

Ik ben ten eerste zielsgelukkig dat ik weer loop, vrijwel normaal en zonder stok. Er is een tijd geweest dat ik dacht dat dit niet meer zou gaan lukken.

Ik ben rustiger geworden en ik geniet nog intenser van kleine dingetjes als bloemen in het veld en vogelgefluit.

DSC03618 (2)Verder ben ik Ahmad meer en meer gaan waarderen als de liefdevolle man die hij is. Dat was hij altijd al, maar het was voor mij lange tijd moeilijk zijn liefde te beseffen en echt te laten binnenkomen. Maar tijdens de hel die we samen doormaakten vlak voor en na de heupoperatie zijn Ahmad en ik elkaar intensief tegengekomen. Ik weet nu eindelijk, na bijna 10 jaar, dat ik een man naast me heb die ik helemaal vertrouw en van wie ik zielsveel kan houden. Mijn maatje door dik en dun. Daarmee voel ik me zo rijk.

Ik beschouw mezelf als een geluksvogel, die in de herfst van haar leven eindelijk kan genieten. Van alle kleine dingen die gebeuren op een dag. En dat ik mag tekenen en schilderen. Dat dat gewoon kan met die toch nog wat zere heup…Een vierdaagse of een marathon zit er niet in. Maar dat hoeft ook niet.

hallo wollebol

hallo heerlijke wollebol

Wonderlijk weer

DSC03609 (2)

Het weer hier is al vanaf het begin dat we hier waren (begin maart) anders dan anders. Eerst was het lange tijd kouder dan normaal bij een ijzige wind, maar toen wilde de zon nog wel eens schijnen. Nu is het hier niet meer koud, een temperatuurtje van rond de 20 graden. Maar het is vrijwel dagelijks bewolkt, grijs en vochtig. Weinig zicht op de ons omringende bergen en de zee bij Malaga, want de omgeving is in een nevel gehuld. Drukkend warm, als de zon toch even door de  bewolking heen dringt. En…..elke avond worden we getrakteerd op een (onweers)bui, die op alles een roze laag saharazand achterlaat. Spannend wel, maar vreemd. We hebben dit niet eerder meegemaakt en de dorpelingen spreken er ook met verbazing over.

Vandaag maken we tegen de avond ons dagelijkse wandelingetje. We gaan onder andere even langs de ‘gestoría’, om te vragen of zij een nieuwe afspraak willen maken voor een APK keuring (hier ITV geheten). We hadden daar eigenlijk vandaag een afspraak voor, maar zijn per ongeluk niet gegaan, omdat Ahmad dacht dat het morgen was! Hij had dinsdag in zijn hoofd, maar het blijkt vanochtend geweest te zijn. Ahmad is woedend op zichzelf. Baalt als een stekker.

Het wandelingetje is aangenaam. Ik zie een poesje heel grappig in een vensterbank zitten. Het lijkt wel of ze zit te mediteren.

DSC03594 (2)

Ik maak daar wat foto’s van, wat de vrouw des huizes vanbinnen opmerkt. ‘Ik heb nog meer katjes,’ zegt ze tegen mij. ‘Ze heeft gejongd. Wil je een katje?’ Ze laat me de katjes zien. Ik kan helaas geen katje nemen, omdat ik beurtelings hier en in Nederland woon, vertel ik haar. Ik maak een foto van haar dochtertje met de katten. Het lijkt wel een schilderijtje.

DSC03604 (2)Verder lopend zien we dat de lucht steeds donkerder wordt. Je kan heel goed het rossige zand in de regenlucht zien zitten.

DSC03605 (2)

Eenmaal thuis blijken we vlak voor de bui binnen te zijn. Ik kan nog net vanaf het balkon een foto maken van deze knapperd, die ik al een tijd niet meer gezien heb. Sinds mijn buurman drie katten heeft komen de katten niet meer bij ons buurten.

DSC03612 (2)

Beetje suffig

Zo sta ik altijd op de laatste tijd. Dat is wel anders dan ‘vroegah’….Toen voelde ik mij met name in de ochtend kakelvers. Dat is al tijden niet meer zo. We staan op, meestal ik als eerste. Douchen en dan bidden. Dan nog even zitten in het bed met kleren aan. We lezen onze mailtjes of appjes en het nieuws in onze telefoons. Dan is het tijd om echt op te staan en te gaan ontbijten. Meestal dringt Ahmad daarop aan. Ik rek me nog even uit en bedenk me dat ik best nog meer zou kunnen slapen. Maar dat zit er niet in. Dus…..naar ons keukentje, waar Ahmad de koffie zet en ik de broodjes in de oven doe. Daarna zitten we te kauwen aan het kleine tafeltje in ons keukentje. De tijd dat ik Ahmad de oren van zijn kop kletste is voorbij. Ik zit daar met slaperige oogjes zwijgend te eten. Wel genietend van de lekkere koffie en het broodje, nu het nog kan. Ik besef hoe fijn het is om te kunnen eten. Bij de volgende nieuwe maan begint de ramadan alweer. Ik zie daar altijd een beetje tegenop. Maar het feit dat we nu nog kunnen eten wanneer we willen stemt me dankbaar en ik geniet daarvan.

Dan begint onze ochtendroutine en langzaamaan wordt ik wakker. Ik begin met de 5 km fietsen op de hometrainer. Met mijn koptelefoon met daarin het geluid van radio 1 dan wel mijn eigen muziek word ik steeds wakkerder. Intussen leest Ahmad nog meer kranten op zijn pc. Dan is het tijd voor wat huisnijverheid. Ahmad aan zijn glas in lood hobby en ik met mijn olieverf. Al schilderend vliegen de uurtjes voorbij en het is zo tijd voor ons tweede kopje koffie. Gelukkig herinnert Ahmad mij daaraan. Zonder hem en zonder mijn kinderen zou ik waarschijnlijk een ongeregeld leven hebben. Eigenlijk wil ik dat niet meer. Het ritme in mijn leven brengt enorme rust en regelmaat, al is het een Spaans ritme van etenstijden. Ik ben er nu aan gewend.

Ik hoop eigenlijk dat ik zo een ritmisch leven ga volhouden, mocht Ahmad eerder komen te overlijden dan ik. Ik denk dat het goed is voor mens en dier en dat je er oud mee kan worden. Net als mijn vader. Eigenlijk lijkt Ahmad op mijn vader in zijn manier van doen. Misschien voel ik me daarom vertrouwd en veilig bij hem. Ik hoop dat hij net zo oud wordt als mijn vader…..

Maar ik ben best suffig, vind je niet? Het bevalt me wel, deze rust. We zijn niet voor niets met pensioen. Voorbij is de tijd dat ik over de dansvloer en in de aerobics-les liep te stuiteren. Het is weer tijd om te bidden. En dan gaan we nog even een wandelingetje maken. Zo doe je dat als je op leeftijd bent 😉 Ik moet wel opschieten, want Ahmad roept. Hij houdt me ‘bij de les’.

Hello handsome :-)

Hello handsome :-)

Buitenbeentje en een droom met betekenis

Misschien is het de enkele trouwe lezer van dit weblog opgevallen: op de filmpjes van mijn kinderen ontbreekt in de regel één kind. Mijn buitenbeentje, laten we hem zo noemen.

Hij is de helft van een tweeling. Samen met zijn zusje was hij de eerste jaren van zijn leven een heel gemakkelijk kind. Als baby’s huilden ze vrijwel nooit. ‘Veel werk zeker, zo een tweeling,’ zeiden mensen meelevend tegen me. Nou eigenlijk niet. Mijn eerstgeborene bezorgde me veel meer werk. Ik moest haar als baby vrijwel altijd bij me houden, bungelend in een draagzak. Ook later, bij het spelen kreeg ze graag mijn onverdeelde aandacht. Zo niet de tweeling. Bij hun werkte het patroon van reinheid, rust en regelmaat perfect. Ze sliepen in hun bedjes of lagen met elkaar te brabbelen als ze wakker waren. Ik had er eigenlijk bijna geen werk aan buiten de dagelijkse verzorging en het geven van de borst. Ook toen ze wat groter waren hielden ze zichzelf goed bezig, achter elkaar aan kruipend, later door het huis schuifelend op hun loopfiets en vervolgens racend op hun loopauto’s. Ze konden uren zoet zijn met ieder  eenzelfde stuk speelgoed, een schooltje met poppetjes erin en magnetische letters en cijfers die je op het dak kon vastklikken.

Toen de tweeling ouder werd bleven het gemakkelijke kinderen. Er was een kleiner broertje bij gekomen, met wie zij een leuk groepje van drie vormden. Mijn oudste stond daar een beetje buiten, omdat zij zes jaar scheelde met de tweeling en negen jaar met het broertje. Nu ze allemaal volwassen zijn is dat leeftijdsverschil geen punt meer. Ze zijn op dit moment met elkaar en hun kinderen de verjaardag aan het vieren van de oudste.

Maar daar is ons buitenbeentje niet bij. Zijn leven is wat anders verlopen om uiteenlopende redenen. Hij leidt een ander leven dan mijn andere drie kinderen, deze non-conformist. Ik zie hem minder dan mijn andere kinderen, maar ik houd altijd contact met hem. Als ik me afvraag hoe het met hem gaat, neem ik direct contact op. Soms belt hij mij zelf en dan praat hij lange tijd en stelt me van alles op de hoogte.

Ik heb hem niet meer gezien sinds de laatste dag van mijn vaders leven. Wij stonden toen samen zijn hand vast te houden. Mijn vader heeft hem goed aangekeken toe hij naast zijn bed was gaan staan en ‘opa’ zei. Mijn vader deed direct één oog open en keek hem aan. ‘Ik ben je kleinzoon,’ zei mijn buitenbeentje. ‘Ik ben timmerman en ik heb mijn bedrijf naar u genoemd.’ Mijn vader pakte toen zijn hand en bleef deze vasthouden, terwijl hij hem aankeek. Zowel mijn zoon als ik zeiden tegen mijn vader dat we van hem hielden. Mijn vader bleef de hand van mijn zoon vasthouden. Hij wilde wat zeggen, maar kon het niet meer.

Dat uitgerekend deze zoon het geluk heeft gehad nog met mijn vader kennis te maken voor zijn dood betekent veel voor mij en ook voor mijn zoon.

Deze week moest ik veel aan mijn vader denken en ook aan mijn zoon. Hoe zou het nu met mijn buitenbeentje zijn. Ik droomde gisternacht van hem. Dat hij hing uit een open raam, omdat hij vogels aan het voeren was. Hij hing zo ver uit het raam dat ik hem moet vasthouden aan zijn benen. Anders zou hij naar beneden vallen uit het open raam. Ik keek naar buiten en zag dat er allerlei uiteenlopende soorten vogels op het gestrooide voer afkwamen. En ook herten.

Gisteren werd ik wat triest en bezorgd wakker. Hoe zou het met hem zijn? ‘Waarom bel je hem niet,’ stelde zijn tweelingzus voor, toen ik telefonisch mijn droom en mijn zorg met haar deelde.

Tegen de avond bel ik hem. Hij neemt op. Hij was aan het stofzuigen. ‘Het gaat heel goed ma, maar ik heb het heel druk. Vandaag heb ik weer ramen in gezet.’ ‘O ja, dubbel glas, hè.’ ‘Nee, driedubbel glas.’ Het zijn 26 ramen. Meneer woont in een groot huis met zijn vriendin. Een soort kasteel met torentje, dat hij helemaal aan het opknappen is. ‘Nu pas ga je zien wat een mooi huis het is, ma. Dat zag je eerst niet, toen ik het dak nog niet had schoongespoten en toen die 46 coniferen er nog stonden en alles vies maakten. Ik heb het verschrikkelijk druk, maar het gaat goed. Ik  ben zo blij dat ik niet meer in de stad woon maar buiten. Ik geniet hier zo, ma. Er zijn hier allerlei soorten vogels en er komen hier zelfs herten.’

Ik ben blij dat te horen. ‘En hoe gaat het met de meubels en schilderijen die je uit het huis van mijn vader mocht meenemen? Hebben die echt allemaal een plekje gekregen in je huis?’ ‘Ja ma, als opa ons kan zien vanuit de hemel of waar hij ook maar mag zijn, dan zal hij gerust zijn en blij. Al zijn spullen hebben een mooi plekje gekregen hier.’

Na dit telefoongesprek ben ik helemaal rustig. Gelukkig gaat het nog steeds heel goed met mijn buitenbeentje. Dat is weleens anders geweest in het verleden. Maar nu gaat het goed met hem. Hij woont op een plek die bij hem past. Hij houdt niet van de stad die hem stress geeft. Hij woont midden op het Brabantse platteland in een huis met een grote lap grond eromheen. Hij komt boeren tegen op een tractor die ‘hoi’ zeggen. Zo te wonen geeft hem rust. Hij is een beetje anders dan de anderen. Hij heeft wel een vriendin en twee katten. Maar nog geen kinderen. ‘Eerst wil ik bereiken wat ik wil bereiken, ma.’ En dat is nu dit huis van binnen en van buiten grondig aanpakken en voorzien van groene energie.

Blokje om

Vandaag liepen we na het middageten weer eens een rondje beneden langs ons huis. Daar was vroeger een niet geasfalteerde weg, waar ik altijd al graag langs liep.

Zie dit oude filmpje:

Nu is er een nieuwe weg aangelegd, met ernaast een voetpad. Op die stoep kwamen we zelfs twee bankjes tegen. Daarop zittend luisterden we naar het getjilp van talloze vogels. Ze zijn daar graag, omdat er een beekje langs de weg loopt met stromend water. Slechts af en toe kwam er een auto langs deze mooie weg. We genoten van de rust en en de wilde bloemetjes.

DSC03579 (2)DSC03578 (2)

Mooi weer

Dat is het hier en gelukkig ook in Nederland. Ik merk dat ik de zon wel gezellig en vrolijk vind, maar dat ik weinig behoefte heb erin te zitten. Zwemweer is het nog niet. Strandweer misschien wel. Pas rond een uur of vier besluiten we eens te gaan kijken hoe het eigenlijk is bij de zee. We lopen langs de boulevard van Torremolinos. We merken dat als we een keertje naar het strand willen om daar even te zitten met onze strandstoeltjes, dat we dan toch wat vroeger van huis zullen moeten gaan. Misschien doen we dat binnenkort wel een keer. Maar ik merk dat ik het ook best vind om een groot deel van de dag te schilderen en verder alleen een wandelingetje te maken. Het doet er eigenlijk niet toe waar. Overal kan je wel wat leuks zien en meestal komt dat toch als een verrassing. Het samen lopen, ik nog wat stijf in de heup met Ahmad als houvast, is al een leuke ervaring op zich. Blij dat ik, sinds een tijd alweer, loop!

DSC03566DSC03568DSC03570

Ervaring met mijn vader aan het einde van zijn lange leven

Ik heb helaas niet veel van zijn gezelschap mogen genieten tijdens mijn leven en hij kreeg niet de kans om mij op te voeden, omdat hij uit mijn leven vertrok toen ik 3 jaar oud was. Toen ik 43 jaar was zag ik hem terug, nadat ikzelf met hem opnieuw contact had gezocht. In de jaren die volgden zag ik hem ongeveer twee keer paar jaar. De eerste keer kwam hij naar mijn huis met zijn toenmalige vriendin. Hij ontmoette toen ook mijn vier kinderen, die toen nog klein waren. Daarna sprak hij een keer met mij af in een restaurant. Hij wilde mij toen zijn versie van het verhaal uitleggen omtrent de reden van de scheiding van mijn moeder. In de jaren daarop zocht ik hem steeds op in zijn flat in Heerlen. Ik vertelde hem ook mijn levensverhaal. Hij stelde er geen prijs op dat ik één of meer van mijn kinderen meenam bij mijn bezoeken. Wel kwam ik een tijdlang met mijn tweede man, een enorme prater die veel van de aandacht voor zichzelf opeiste. Ik ging ook vaak alleen met de trein of met mijn auto. Ik voelde me destijds in de regel warm onthaald door zowel mijn vader als zijn vriendin.

Later kwam daar verandering in. Zijn vriendin kreeg steeds meer gezondheidsklachten en beiden werden een dagje ouder. Mijn vader werd steeds stiller tijdens mijn bezoeken. Ik maakte de bezoeken niet te lang, ondanks de lange reis die ik ervoor moest maken, om mijn vader niet te veel te vermoeien. De laatste jaren kreeg ik steeds meer bij mijn vertrek na een bezoek het gevoel dat ik mijn vader niet of nauwelijks had gesproken. Zijn vriendin was vooral aan het woord en het ging in de regel hoofdzakelijk over haar en haar ziektes. Af en toe kreeg ik de indruk dat ze mijn vader maar lastig en saai vond en dat zij hem niet respecteerde. Dat deed me verdriet.

Ik zag dat mijn vader, die een eind van ons af zat terwijl zij tegen mij en mijn man aan het praten was, niet echt geïnteresseerd luisterde. Mogelijk verstond hij ook niet alles wat gezegd werd of had hij haar verhalen al te vaak moeten aanhoren. Eenmaal viel hij zelfs in slaap terwijl zij met ons aan het praten was. Ik vond dat zo sneu dat ik stilletjes vertrok en zei: ‘maak hem maar niet wakker voor een afscheid’.

Als ik belde kreeg ik nooit mijn vader aan de lijn maar alleen zijn vriendin. Via haar moest ik dan horen hoe het met mijn vader was. Volgens haar zou hij aan het dementeren zijn. Maar vooral moest ik ook via de telefoon aanhoren hoe het met haar was. Uit respect en meegevoel hoorde ik haar aan. Achteraf heb ik spijt dat ik niet wat flinker was en haar gewoon zei dat ik mijn vader wilde spreken. In de regel hing ik op na een lang gesprek met haar zonder een woord met mijn vader gewisseld te hebben.

De enkele keren dat zij niet bij hem was als ik belde en ik dus mijn vader zelf sprak, viel me op hoe jong zijn stem nog klonk en hoe helder hij was. In mijn ogen was mijn vader verre ven dement, zoals ook werd geconstateerd door zijn huisarts (zoals ik achteraf heb gehoord).

Hij was wel vergeetachtiger geworden naarmate hij ouder werd. Zo wist hij bijvoorbeeld niet meer dat ik kinderen had. En dat hij dat niet wist, dat wist ik weer niet.

Tot zijn buurvrouw in zijn leven kwam. Zij was de laatste jaren van zijn leven actief betrokken bij hem. Het begon ermee dat zij zijn huis schoonmaakte en zijn vriendin naar het ziekenhuis bracht, wanneer zij daar afspraken had. Na een fikse ruzie werd de relatie met zijn vriendin definitief verbroken. (Met haar heeft hij overigens nooit een liefdesrelatie had gehad zoals ik pas later vernam, maar een zuiver zakelijke overeenkomst. Vandaar de kilte die ik ervoer van haar tegenover hem in al die jaren, zoals ik achteraf begrijp!

De buurvrouw heeft in de laatste maanden van zijn leven heel erg haar best gedaan om de relatie van mijn vader met mij nieuw leven in te blazen. Zij belde me direct na het vertrek van zijn vriendin om me op de hoogte te stellen van het wel en wee van mijn vader en bleef dat ook doen tot zijn dood. Van het begin dat ik haar ken tot nu toe is zij bijzonder open en eerlijk in haar doen en laten en dat van de mensen om haar heen. Ook vroeg zij belangstellend naar mij en zij was verbaasd te horen dat ik kinderen had. Daar was kennelijk nooit over gesproken noch door mijn vader noch door zijn vriendin. Kennelijk had de buurvrouw mij opgezocht op internet en gezien dat ik ook weleens filmpjes heb geplaatst op You Tube. Op één van de avonden dat mijn vader bij haar kwam eten, altijd klokslag zes uur zoals hij dat wenste, liet zij mijn vader een filmpje zien van mij en mijn kinderen. Mijn vader was helemaal ontroerd en begon te huilen toen hij dat filmpje zag. Hij wist helemaal niet dat ik kinderen had en ook niet dat deze modern eruit zagen. Hij dacht dat ik in een djellaba met een hoofddoek rondliep thuis.

 mijn vader kijkt hier op de pc van zijn buren naar het filmpje van mij en mijn kinderen.

mijn vader kijkt hier op de pc van zijn buren naar het filmpje van mij en mijn kinderen.

en naar dit filmpje keek hij:

In de tijd erna was het contact met mijn vader anders dan ooit tevoren. Hij belde me een keer, iets wat hij maar een paar keer eerder in mijn leven heeft gedaan (dat was eerst om me te vertellen dat mijn stiefvader was overleden, wat ik niet wist! En later om me te waarschuwen voor het accepteren van de ‘erfenis’ van mijn stiefvader. ‘Hij heeft je willen ruïneren’ waarschuwde mijn vader me toen en dat bleek waar te zijn. Dus op heel cruciale momenten in mijn leven was mijn vader er voor me en dat zal ik nooit vergeten en daarom weet ik dat hij van me hield en bezorgd was).

Mijn vader was een zorgzame man. Hij kreeg niet de kans om voor zijn kinderen te zorgen. Alles wat hij wilde in het leven was een maatje, iemand om van te houden. Daarin is hij vaak teleurgesteld. Zozeer dat hij de laatste dertig jaar van zijn leven dacht vriendschap te moeten kopen. Terwijl hij een man is die het waard is om bemind te worden om wie hij is!  Hij is altijd trouw geweest en bezorgd om degene met wie hij was. Tot de laatste dag dat hij met zijn vriendin was wilde hij niet degene zijn die een einde maakte aan een vriendschap die al lang niet meer was wat het geweest was, omdat hij bezorgd was om haar toekomst en materiële welzijn. Tot zijzelf wegging, waarna hij een gevoel van opluchting ervoer.

Tegen mij heeft hij nog gezegd op de één na laatste keer dat ik hem zag in het verpleeghuis. ‘Ik heb inderdaad ooit gezegd dat ik niets meer met je te maken wilde hebben, omdat je moslim was. Dat is waar. Maar ik heb dat nooit echt gemeend, hoor.’ Toen ik hem die woorden hoorde zeggen smolt mijn hart. Het verklaart voor mij zoveel. Bijvoorbeeld hoe het kon zijn dat mijn vader soms rare dingen zei als: ‘ik geloof niet in een bloedband’. Maar in zijn omhelzing en in heel zijn non-verbale gedrag voelde ik zoveel liefde. Ik geloof in deze liefde en geen sikkepit van de stoere woorden die hij bezigde om de bloedband af te zweren. In het allerlaatste deel van zijn leven weet ik dat hij die band met  mij wel gevoeld heeft. Ik heb hem nog kunnen zeggen dat ik van hem houd zag ook dat hij dat hoorde en dat hij me aankeek en dat maakt me heel gelukkig. Hij lijkt in grote vrede te zijn gestorven.

 mijn lieve overleden vader met een kleine glimlach. Moge hij voor altijd in het paradijs vertoeven.

mijn lieve sterk vermagerde, overleden vader met een kleine glimlach. Moge hij voor altijd in het paradijs vertoeven.

Nieuw schilderij

DSC_0046 (2)Deze foto wil Ahmad nu nageschilderd hebben. Ik vind de kleuren prachtig. Je moet van je onderwerp houden. Dus ik ga hem schilderen! Mijn hardboard staat al in de grondverf. Moet nog een dag drogen. Dan kan het feest beginnen.

Naar deze mooie, voor ons bijzonder inspirerende plek waren wij op weg toen ik mijn heup brak. Dus extra reden om dit plaatje, dat genomen is de eerste keer dat we daar waren, te willen schilderen. Ik zal er niet meer heen gaan…..Sweet memory.

Wil ik een reisje boeken?

De laatste tijd valt me op dat ik eigenlijk een heel tevreden mens ben. Mijn energiepeil is ook niet meer zo hoog als het  was toen ik jonger was en dat maakt me minder onrustig. Ik ben tevreden met de dagen zoals ze voortkabbelen in de herfst van ons leven.

‘Moeten we niet weer een reisje boeken?’ vroeg Ahmad me vanmorgen aan het ontbijt. Op dat moment beseft ik dat ik dat eigenlijk niet meer zo belangrijk vind. Ik ben eigenlijk doorgaans tevreden waar ik ben. De reislust die ik voelde toen ik heel jong was, voel ik al lang niet meer. Ik kan hier rustig een tijdlang, over de rand van ons balkon hangend, staren naar de vogels die in dit jaargetijde nog ijveriger dan anders heen en weer vliegen, elkaar het hof makend of zoekend naar nestmateriaal of hapjes voor hun jongen. Ik weet inmiddels waar mijn groep witte duiven met één donkere in hun midden woont. Ze hebben een huis, maar vliegen elke ochtend als groep uit op avontuur.

DSC_0045In Nederland geniet ik ook van vogeltjes die in mijn tuin komen eten. Door het gekras van de vele meeuwen heen hoor ik ook daar best ook nog ander getjilp van kleinere vogeltjes. Die vogelgeluiden stellen mij enorm gerust. Zij blijven hun instinct volgen en ijverig hun levenstaak volbrengen te midden van een wereld die brandt door onverstandig gebruik van grondstoffen en voedingsmiddelen. Een wereld waarin mensen elkaar afmaken om een handvol dollars. De onschuld van de nog levende dierpopulatie en van mensenkinderen stelt me gerust. Er is ook moois op deze wereld en daarvoor hoef je niet ver te reizen.

Reisje boeken? Ik schrik op uit mijn gepeins. Voor mijn oog der verbeelding zie ik overvolle afgelegen resorts die grote hoeveelheden afval dumpen in de hemelsblauwe zee. Mensen die in lange rijen staan voor musea, in kuitboeken door overvolle straatjes struinen, waar in talloze winkeltjes op een rij dezelfde toeristische waren worden aangeboden, vaak ‘made in Korea’. Daartussen de misère van bedelaars, die in het stof zittend een appel doen op het meegevoel van voorbijgangers. Wil ik een reisje boeken? Nee, eigenlijk niet.